Patrick van Rosendaal, gids voor Belgen in New York en oprichter BE NY, legt uit wat ons land zo uniek maakt.
 

Op een menukaart hier in New York lees ik dat je ons Belgisch trappistenbier Westvleteren kan bestellen voor 75 dollar. Ik denk spontaan aan de drankenkaart in mijn vroegere Belgische stamkroeg, waar een trappist hooguit 3 euro kostte … Meteen besef ik weer wat er zo geweldig is aan België: een enorme levenskwaliteit die bovendien ook nog betaalbaar is!

En New Yorkers beseffen dat maar al te goed: Belgen hebben een heel scala aan artisanale producten die soms al eeuwen bestaan. De monniken uit Westvleteren zijn op dat gebied het voorbeeld bij uitstek. Al meer dan 150 jaar brouwen zij hun bier, achter de kloostermuren van een abdij die haar roots in de middeleeuwen heeft. Onbegrijpelijk voor een New Yorker en meteen de reden waarom hij bereid is om er zoveel voor te betalen. Authenticiteit is een luxe. Daarom is het merk ‘Belgium’ hier een kwaliteitslabel.

 

Belgischer dan ooit
 

10 jaar woon en werk ik inmiddels in New York. En 16 jaar ben ik al weg uit mijn vaderland. Fysiek weliswaar, want mentaal ben ik Belgischer dan ooit. Als de eerste stadsgids in New York voor en door Belgen kom ik namelijk dagelijks in contact met landgenoten. Ik gids zo’n 4.000 Belgen, van ministers en BV’s tot ‘gewone’ toeristen, die ik met plezier mijn nieuwe thuis toon. Ondertussen kan ik het leven in de States en het leven back home dan ook perfect vergelijken.

In New York is België alvast hot and trendy. België is in de ogen van vele Amerikanen een rijk en succesvol land. De Belgische bieren hebben hier enorm veel liefhebbers, net als de Belgische chocolade en de wafels. Stromae stond hier nog niet zo lang geleden in Madison Square Garden. Je vindt hier ontelbaar veel filialen van ‘Pain Quotidien’, die ook weer dat nostalgische verlangen naar authenticiteit opwekken. Om nog maar te zwijgen van de Fashion Week, waar je regelmatig werk van Dries van Noten of Raf Simons te zien krijgt.

 

Kleinschalig
 

Het leuke aan België is het kleinschalige. Binnen de kortste keren sta je in een andere wereld: op twee uur tijd rijd je van de Ardennen naar de zee. En elke streek heeft zijn eigenheid. Als ik met mijn 3-jarige dochter naar België terugkeer, kiezen we altijd voor streekproducten. Limburgse vlaai vindt ze fantastisch.

Ik ben opgegroeid in Edegem, nabij Antwerpen. Elk weekend gingen wij onze pistolets halen op een vast adres in buurgemeente Hove. Als ik nu mijn ouders bezoek en als vanouds de pistolets ga halen, durf ik al wel eens verder te rijden en stop ik gewoon aan een bakker waar er een lange rij staat. Dan weet een Belg dat het goed is. Dat is wat Amerikanen zo indrukwekkend vinden: recepten die al generaties lang worden doorgegeven, blijven succesvol. In Amerika staat men al versteld als een industriële bakkerij het drie decennia uithoudt.

 

Geschiedenis
 

Amerikanen missen geschiedenis. New York bestaat als stad nog maar 400 jaar. Men is stomverbaasd als men verneemt dat een Belgische bakkerij al 200 jaar actief is of als men het jaartal van de bouw van de kathedraal van Antwerpen hoort. Renovatie kost in New York altijd meer geld dan nieuwbouw. Men bewondert ons respect voor het verleden. En gelijk hebben ze: combineer een bezoek aan Brugge of Gent met fantastisch lekker eten tegen een betaalbare prijs en je dag kan niet meer stuk.

 

Meer te weten komen over BE NY?