We zijn met zo’n 7 miljard mensen op onze planeet. 7 miljard monden om te voeden, maar ook 7 miljard harten om te veroveren, en te breken. 7 miljard verschillende mensen. En toch delen we ons bed maar met die ene persoon.

Intimiteit in bed

En met die ene persoon delen we niet alleen ons bed; maar ook ons leven, onze geheimen, onze dromen en onze banale, alledaagse verhalen. Die ene persoon krijgt ons hart en onze geest. Maar hij of zij krijgt ook ons lichaam. 1.2 keren per week zelfs. Althans, in Vlaanderen toch. We geven ons lichaam in bad, op de keukentafel, op de zitbank, in de auto, in de lift, op het balkon, in het maïsveld. Kuch… jullie doen dat toch ook?

Maar het vaakst van al doen we dat in bed. Dat geldt zowel voor jongeren die voor het eerst met iemand naar bed gaan, wat ze overigens rond hun zestiende doen, maar ook voor ouderen die de tel niet meer bij kunnen houden. Bij een grootschalig onderzoek naar de seksuele gezondheid in Vlaanderen, vertelde 93% van de ondervraagden met partner het vaakst in bed te vrijen, tegenover 70% van de ondervraagden zonder partner; zij gingen de daad iets vaker in een ander zijn huis doen.

Wanneer we intiem zijn met elkaar, krijgt 48% van de Vlaamse vrouwen bijna altijd, of altijd, een orgasme. En de mannen? Die zijn beter gesteld. Daar zegt 90% bijna altijd, of altijd, klaar te komen. Wil dit dan zeggen dat vrouwen minder van seks genieten? Dat niet, penetratie leidt bij vrouwen simpelweg minder snel tot een orgasme.

Mannen vinden seks ook belangrijker dan vrouwen, zo blijkt. Misschien daarom dat ze één tot meerdere keren per week masturberen, en vrouwen slechts één tot meerdere keren per maand.

Slaappraktijken

Zijn we uitgevreeën, spenderen we één derde van ons leven al slapend in bed. We brengen meer tijd door met ons bed, dan met onze partner. We kunnen dan ook van ons bed houden, we kunnen het missen en we kunnen moeite hebben er afscheid van te nemen in de ochtend. Maar we kunnen het ook verachten. En dan kijken we voornamelijk naar de jonge telgen, die vrezen dat het leven aan hen voorbij zal gaan wanneer ze hun ogen sluiten.

Hoe ouder we worden, hoe meer we ons bed gaan appreciëren. Er is niets zaliger dan op een koude winteravond in een warm bed te kruipen, verstopt onder een dik donsdeken. Als je dan nog als een blok in slaap valt en gespaard blijft van gekke dromen, mag je een ‘chansaar’ genoemd worden. Eén op de vier Belgen kampt immers met slaapproblemen, en zo’n 12% van de volwassenen lijdt zelfs aan slapeloosheid.

Als we dan toch eindelijk met z’n allen in slaap vallen, kunnen we wel eens gênante dingen doen in ons bed. Zo gaan we bijvoorbeeld winden laten - wist je trouwens dat haringen met elkaar communiceren door winden te laten? -, praten in onze slaap, kwijlen op ons hoofdkussen, slaapwandelen, knarsetanden, smakken, snurken of luid ademen. Daarnaast stelen we graag het deken of hoofdkussen van onze partner, en kunnen we hem of haar al eens een vuistslag verkopen in onze slaap. Geen wonder dat 1 op de 5 koppels ervoor kiest om apart te slapen dus.

Kies je bed verstandig

Kortom: ons bed is onze levenspartner. We wisselen vaker van bedpartner, dan van bed zelf - mannen hebben gemiddeld 9 bedpartners in hun leven, vrouwen 5. Een goed slaapsysteem is dus noodzakelijk, willen we ons die 33% van de tijd die we in ons bed doorbrengen goed voelen. Vind een lattenbodem en matras die bij jou passen, en onderhoud deze ook. Van een pijnlijke rug of nek raak je immers minder snel af dan van een slechte matras.

Met andere woorden: kies je bed voorzichtig en draag er zorg voor. Het moet stevig, maar tegelijk ook zacht genoeg zijn voor die 1.2 keren per week dat we van bil gaan, voor die halve liter zweet die we per nacht verliezen, voor al de uren die we al piekerend doorbrengen in bed en voor de vuistslagen die we ’s nachts uitdelen. Maar boven alles moet hij comfortabel genoeg zijn om ons op beide oren te laten slapen, nacht in, nacht uit.