1. Aangepaste kledij

De natuur intrekken doe je best in de juiste kleren: goed schoeisel en kledij aangepast aan het weer. Neem reservesokken en extra kleding als een regenjasje of thermisch ondergoed mee - afhankelijk van waar je heen gaat natuurlijk. Een zonnebril en zonnecrème met een SPF van minstens 30 zijn essentieel om jezelf tegen de zon te beschermen.

 

2. Water

Of je nu een bescheiden dagtrip of een uitgebreidere tocht onderneemt, extra water meenemen is een must. Er zijn heel wat soorten reservoirs om op een comfortabele manier gehydrateerd te blijven. Ook wat extra proviand, zoals noten, gedroogd fruit en energierepen, is handig. Om het helemaal gezond te houden, pak je best ook een first aid kit met zaken als pleisters en ontsmetting in.

 

3. Navigatie

Het is belangrijk om te weten waar je heen moet, zeker als je de platgetreden paden links wil laten liggen. Wil je minder bewandelde routes aandoen, zorg dan dat je uitgerust bent met een topografische kaart en een kompas. Een gps is natuurlijk ook een handig hulpmiddel, maar die werkt nog steeds op batterijen en kan je dus op een cruciaal moment in de steek laten.

 

4. Licht

Duurt een hike langer dan verwacht, dan kan het schemerdonker je overvallen. Lichtbronnen als een zaklamp of een hoofdlichtje zijn dan niet overbodig. Zo’n hoofdlamp is extra handig omdat je handen vrij blijven als je het gebruikt. De batterij van dergelijke lichten gaat ook lang mee. Een setje extra batterijen meedragen is natuurlijk altijd handig.

 

5. Beschutting

Wie gaat kamperen, heeft een tent nodig. Die bestaan in alle mogelijke uitvoeringen, kies dus wat best bij je noden past. Een compact en licht exemplaar is altijd handig, zeker als je veel van standplaats verandert. Zorg ook dat je tent voldoende bestand is tegen hitte en regen en dat het binnenin voldoende duister is om goed te slapen.