Wat zijn jouw verwachtingen voor het WK?

“Het is moeilijk om voorspellingen te doen. In het voetbal is eigenlijk altijd alles mogelijk. Ik verwacht ergens wel veel, gezien onze uitzonderlijk sterke lichting. Als we het nu niet waarmaken, dan rest er ons nog één EK. Daarna zullen heel wat van onze sterkhouders afhaken. Dit is dus ons moment. Over het vorige EK zeiden we dat ook wel al. De verwachtingen waren toen al hoog, net omdat een EK geen WK is. Het voetbal is dan meer herkenbaar en je kan niet uitkomen tegen landen zoals Brazilië en Argentinië. Bovendien lag er het voorbije EK haast een rode loper voor ons uit, want het parcours was niet zo heel moeilijk.”

“De wedstrijden tegen Panama en Tunesië in de groepsfase van dit WK zouden geen al te groot probleem mogen zijn. De wedstrijd tegen Engeland zal echter van een heel ander niveau zijn. Als voetballiefhebber kijk ik daar natuurlijk wel naar uit. In de kwartfinale zullen we Brazilië of Duitsland tegenkomen. Dat zijn twee landen die veel tornooiervaring hebben en ongelofelijk sterk zijn. Ik denk dus dat we met deze groep sowieso de kwartfinale moeten halen. Alles wat daar dan nog bijkomt, is zeer goed.”

 

Waren de verwachtingen tijdens het vorige WK en EK niet té hoog?

“De druk maakt het er voor onze spelers zeker niet makkelijker op. Zowel vanuit de media als de fans zijn de verwachtingen enorm, en ik heb zelfs de indruk dat deze nog toenemen. Bij het vorige WK viel het nog wat mee. Het was toen immers al zeer lang geleden dat we nog op een groot tornooi hadden gestaan. Bij het afgelopen EK daarentegen waren veel mensen uiteindelijk teleurgesteld. Ook binnen hun clubs moeten onze spelers echter omgaan met heel wat druk, dus ze zijn het in zekere zin wel al gewoon om daar mee om te gaan.”

“Toch onderschatten velen wat er voor spelers bij zo’n tornooi komt kijken. Het zijn immers niet enkel de 90 minuten op het veld. Aan een WK gaan weken van bijna-isolatie en constante druk vooraf. Enerzijds proberen ze zich in de mate van het mogelijke af te schermen van de buitenwereld, anderzijds willen ze natuurlijk wel contact blijven houden met hun gezin, want dat is voor velen erg belangrijk.”
 

 

Na het afgelopen EK hebben we met Martinez een nieuwe trainer gekregen. Wat is er sindsdien veranderd?

“Uiteraard is het systeem nu anders. Martinez houdt ook vast aan dat nieuwe systeem. Bij de vorige trainer, Marc Wilmots, leken meerdere spelers nochtans aan te geven dat er niet genoeg tactische flexibiliteit was. Ik heb alvast de indruk dat hij vrij goed is in people management, een domein dat vandaag zeker niet onbelangrijk is. Verder kan ik momenteel weinig slecht zeggen over Martinez. Er is immers nog niets mis gegaan.”

“Tijdens de kwalificaties is alles gelopen zoals het moest, maar we hebben uiteraard ook nog geen echte tegenstand gehad. Daardoor hebben we steeds vrij dominant kunnen voetballen en is het systeem ook nog niet echt op de proef gesteld. Dat maakte het dus tot vandaag niet nodig om het aan te passen. De grootste uitdaging zal het tornooi zelf zijn. Pas dan zullen we echt zien hoe goed de bondscoach het ervan afbrengt.”

 

Hoe zal je zelf het WK beleven?

“Net zoals bij het afgelopen EK zal ik voor heel wat wedstrijden commentator zijn bij de VRT. Maar ook wanneer ik geen commentator ben, zal ik zo veel mogelijk wedstrijden volgen, of de Rode Duivels nu spelen of niet. Er spelen immers heel wat landen mee die ook wij als commentator minder goed kennen, simpelweg omdat we ze niet vaak aan het werk zien. Neem nu Panama. Vraag me vandaag niet om daar twee of drie spelers van op te sommen.”

“Het komt er dus op aan om als commentator iedere wedstrijd goed voor te bereiden, te kijken hoe hun kwalificatie gelopen is, op welke manier ze spelen, of ze veel doelpunten tegen krijgen, of ze zich snel ingraven, wie de sterkhouders zijn, enz.”

 

Hoe zou je het WK liefst beleven, moest je geen commentator zijn?

“Waarschijnlijk zou ik dan naar de grote markt gaan en de wedstrijden samen met vrienden op een groot scherm volgen. De festivalsfeer die bij zo’n WK ontstaat, vind ik ongelooflijk leuk. Maar ook de gezelligheid opzoeken is een mogelijkheid, zoals het bekijken van de wedstrijd in combinatie met een barbecue. Ik zou me vooral focussen op de wedstrijden van de Belgen en de wedstrijden waarin twee toplanden tegenover elkaar komen te staan.”
 

 

Vorig jaar ben je zelf gestopt met voetballen. Waar zal je je de komende zomermaanden vooral mee bezig houden?

“De meeste tijd besteed ik momenteel aan mijn doctoraatsstudie over de invloed van ademhaling op pijn. Ik zit immers in mijn laatste jaar en heb nog enorm veel werk. De planning die ik aanvankelijk had opgesteld, ligt intussen al in de prullenbak. Er kan altijd wel iets fout gaan: experimenten die niet goed lopen, aanmeldingen die moeilijk gaan, een analyse die niet loopt zoals gepland, bijkomende onderzoeken die nodig zijn,…”


Als we het nu niet waarmaken, dan rest er ons nog één EK. Daarna zullen heel wat van onze sterkhouders afhaken.
 

“In het weekend werk ik dan weer vaak voor Telenet. Daarnaast sport ik nog steeds minstens vier keer per week, maar dan wel op de tijdstippen en de sporten die ik zelf kies. Zo fiets ik momenteel veel, ga ik minstens één keer per week lopen,… Soms ga ik samen met collega’s badmintonnen en ik tennis ook heel graag. Daarnaast proberen we momenteel om een zaalvoetbalploegje uit de grond te stampen.”

“Het leuke aan al deze activiteiten vind ik dat het nu allemaal vrijblijvend is. Het idee dat ik puur voor mijn plezier kan blijven sporten, is enorm bevrijdend. Ik heb dat ook gewoon nodig, zowel fysiek als mentaal. Je kan je hoofd leegmaken, en het gevoel achteraf is gewoon onvervangbaar.”

 

Hoe breng je - naast sporten - het liefst de warme zomerdagen door?

“Sowieso buiten. Ik ben een echte buitenpersoon. Zo vind ik het geweldig om samen met vrienden of familie te barbecueën, op teenslippers rond te lopen, te gaan wandelen, een gin-tonic of wijntje te drinken, buiten een goed boek te lezen,… Daarnaast probeer ik vast te houden aan de traditie om één keer per jaar met mijn moeder naar zee te gaan. Ook festivals doe ik graag, maar helaas heb ik er vaak te weinig tijd voor.”

“Op het vlak van reizen is het haast onmogelijk om een favoriete bestemming of type reis te geven, maar als het dan toch moet: Italië! Ze hebben daar een ongelofelijke eetcultuur en enorm gezellige plekjes. Ook de typisch Italiaanse manier van leven spreekt me enorm aan. Maar ook van reizen zonder luxe, kamperen of een citytrip kan ik enorm genieten. Zo bezocht ik onlangs bijvoorbeeld Panama en New York. Hoe gevarieerder en hoe meer prikkels, hoe beter. Ook vind ik het belangrijk om de plaatselijke cultuur op te snuiven. Een hele week in een all-inhotel is dus absoluut niets voor mij.”